OORDEGEM: STAANDE OVATIE VOOR HET NIEUWE ORGEL VAN DE KERK.

Op zondagnamiddag 30 juniwerd het nieuwe Viscount-orgel feestelijk ingespeeld in de kerk van Oordegem. Voor een talrijk opgekomen publiek brachten verschillende muzikanten een boeiend programma.

Het orgel wordt “de koningin der instrumenten” genoemd, helaas is het orgel in de vergeethoek geraakt. Voor veel mensen is het de “clochard” der instrumenten.

De bedoeling van het concert was dan ook om aan te tonen dat het orgel een bijzonder boeiend en rijk instrument is.

 

  1. Grasduinen in de geschiedenis:

Het orgel verbinden we rechtstreeks met de Kerk. Toch is zijn oorsprong meer wereldlijk: zo werd het instrument aanvankelijk gebruikt bij het opluisteren van feestjes! Het orgel dateert wellicht uit 246 voor Christus en zou een uitvinding zijn van Ktesiblos uit Alexandrië. Hij noemde dit nieuwe muziekinstrument waterorgel of hydraulos.In de Hellenistische en Romeinse cultuur speelde het orgel een belangrijke rol bij muziekwedstrijden en wereldlijke  plechtigheden. 

Met de ondergang van het West-Romeinse Rijk verdween ook het orgel in West-Europa, maar in het Oost-Romeinse Rijk (Byzantium) bleef het voortbestaan. Hoe het orgel weer in het Westen geraakt is, blijft enigszins onduidelijk. Het is wel zeker dat Pepijn de Korte in 757 een orgel als geschenk kreeg van de Byzantijnse keizer Konstantijn Kopronymos.

Tot op dat moment had het orgel nog geen functie in de christelijke kerk. De vroege kerkvaders stonden zeer wantrouwend tegenover instrumentale muziek. Vanaf de 10de eeuw is er sprake van orgels in kerken en kloosters. Gewoonlijk werden ze gebouwd door monniken. Stilaan worden voor alle kerken orgels gebouwd met 1 klavier of meer (Het orgel van de kathedraal van Gent: heeft vijf klavieren!) .

 

  1. Pijporgel (en) of digitaal orgel?

Het nieuwe orgel van de kerk van Oordegem is geen pijporgel, maar een digitaal instrument. Heel wat grote organisten hebben thuis een digitaal instrument om op te oefenen en waarderen de nieuwe technieken ( bijvoorbeeld ‘Hauptwerk’ zoals in de kerk van Haaltert), andere organisten zijn tegenstanders van het digitale orgel.

We gaan daarom te rade bij het Vaticaan in Rome. In de Sint-Pietersbasiliek heeft men een zeer groot pijporgel. Dat heeft als nadeel dat het te luid klinkt bij de gelovigen die er zich dichtbij bevinden, maar dat het te zwak klinkt voor de gelovigen achteraan. De koormeester van de Sint-Pieter, Mgr.M.Palombella, zocht daarom een oplossing. Hij vond die in de “aankoop” van een groot digitaal orgel. De Amerikaanse firma “Allen” leverde het orgel, de versterkers en luidsprekers gratis als reclamestunt!

In onze Onze-Lieve-Vrouwparochie staan de twee types broederlijk naast elkaar. Een digitaal instrument vinden we in Schellebelle, Wanzele en Oordegem; een degelijk pijporgel in Impe, Smetlede, Wichelen en in de nabije toekomst hopelijk ook in Lede.

 

 

  1. Op grote voet?

Wie een pijporgel van dichtbij bekijkt, ziet natuurlijk een hele reeks pijpen. In de kerk van Impe bijvoorbeeld staan er ongeveer 33 pijpen in het front opgesteld. Weinig mensen weten dat achter deze pijpen nog eens vele pijpen opgesteld staan, voor Impe komt het totaal op 392. Grote kathedraalorgels hebben nog veel meer pijpen. Het Grenzing-orgel van de kathedraal van Brussel telt er 6200!! 

Als je de ‘speeltafel’ van een orgel van dichtbij bekijkt, zie je daarop registers met namen en cijfers. De naam verwijst naar de klankkleur: trompet, hobo, fluit … . Daaruit kiest de organist de klanken die het best passen bij het stuk dat hij wil spelen. Hij selecteert als het ware verschillende kleinere instrumenten, die hij samen wil laten klinken. Wanneer hij dan begint te spelen, lijkt het wel alsof hij met twee handen en twee voeten een zelf samengesteld muziekensemble of zelfs een heel orkest aanstuurt. 

 

Het cijfer bij de registers heeft te maken met de lengte van de orgelpijp en met de toonhoogte. Hoe langer de pijp, hoe lager de toon; hoe korter de pijp, hoe hoger de toon. Als je in het orgelregister fluit 8 een lage do aanslaat, dan klinkt die ook echt als een lage do. Speel je diezelfde noot met een fluit 4, dan klinkt ze een octaaf hoger. Met een fluit 2 zitten we dan weer nog een octaaf hoger. Registers met een 16 of 32 worden voornamelijk in het pedaal gebruikt voor de baspartij. Bij een 32 voets- register is de pijp voor de laagste noot 32 maal 30 cm ( één voet is 30 cm) of zo een 9,6 meter! Zo een register zien we alleen bij heel grote kathedraalorgels.  

 

In het Viscount-orgel van Oordegem zitten maar liefst 7300 pijpen digitaal opgeslagen. Dat betekent dat dit orgel zeer veel mogelijkheden heeft en dat de organist alle genres van orgelmuziek kan vertolken.

 

  1. De functie van het orgel in de liturgie

 

De constitutie over de heilige liturgie van het tweede Vaticaans concilie zegt over het orgel dit: “Het pijporgel moet in de Latijnse Kerk hoog in ere worden gehouden als het traditionele muziekinstrument, dat met zijn klanken aan de kerkelijke plechtigheden een heerlijke luister kan bijzetten en de geest zo intens kan verheffen tot God en het hemelse.” (hoofdstuk 6).

 

Het kerkorgel helpt in de eerste plaats om de schoonheid van de liturgie te vertolken en te beleven. Het orgel kan mooi idyllisch zacht spelen in de advent en in de kersttijd. Het orgel kan klagend, treurend spelen in de vasten en bij een uitvaart. Het orgel brengt ons feestelijke, jubelende klanken bij de grote kerkelijke feesten en bij een huwelijk.

 

Moge het nieuwe Viscount-orgel (en natuurlijk ook alle andere orgels) veel gelovigen helpen om tot bezinning en tot verdieping te komen. Mogen onze gelovigen de meerwaarde beseffen van live instrumentale muziek in de kerk, en van de onuitputtelijke mogelijkheden die een instrument als het orgel biedt.

 

  1. Een woord van dank:

 

We danken iedereen die aan de aankoop van dit orgel heeft meegewerkt: 

de kerkfabriek van Oordegem en het gemeentebestuur van Lede. 

 

We danken eneens allen die aan het concert hun steentje (of…toontje) hebben bijgedragen:

Frederik Van Impe, Chris Osselaer, Paul de Wilde, Philippe Sorgeloos, J.P Van Der Poorten, Patrick Stevens, Lieven Sleeuwaert, Davidsfonds Oordegem.

Een speciaal woord van dank aan Prof. Sorgeloos voor de coördinatie van het geheel en aan Maurits Van Caelenberg voor het openen en sluiten van de kerk tijdens de repetities en bij het concert zelf.

 

  1. Hoopvol wachten

 

Ondertussen dromen onze muzikanten al van de dag dat het gerestaureerde orgel van Lede kan worden ingespeeld (zie ook het artikel van de heer G. De Kerpel in ‘Kerk en Leven’ van 29 mei over het orgel van de St.Martinuskerk van Lede).

Voor een pijporgel van formaat (zoals dat van Lede) is het wel de gewoonte dat de bisschop wordt uitgenodigd om het orgel eerst in te zegenen.

Voor het liturgisch gedeelte is er een mooie sequentie ‘Laudes organi’ in zes strofen

We geven hier de laatste strofe:

“Tali jubilo mellis emula placens populo qui miratur en letatur, tunc cantatur et laudatur Deo sedulo qui regnat per secula.” 

In vrije vertaling:

“Zo een harmonie is zoals zoete honing, zo een klanken verheugen ons. De orgelklank wordt bezongen en geroemd voor lange tijd, hij staat in dienst van de Allerhoogste die heerst in eeuwigheid.”

 

Zou het niet mooi zijn mochten alle koorleden van de Onze-Lieve-Vrouwparochie deze sequentie tezamen  zingen op de dag van de feestelijke inspeling van het gerestaureerde orgel van Lede? Er is zeker nog tijd genoeg om het geheel aan te leren!

 

Inspiratie voor dit artikel vonden we in de studie van de vroegere titularis-organist van de Dom van Keulen: Prof.C.Ganz: ”Zur geschichtlichen Entwicklung der Orgel”  (privé uitgave van Verlag Kölner Dom)

Antoon Barbé